Iedere week overlijden er in Nederland circa 250 mensen aan een hartstilstand.
Dat zijn er al tientallen minder dan enkele jaren geleden. De belangrijkste reden voor deze daling is de verbeterde overlevingskans door de snelle inzet van de Automatische Externe Defibrillator (AED). Inmiddels zijn er in Nederland circa 80.000 AED’s. Deze zijn vooral te vinden bij sportverenigingen, scholen, gemeentehuizen en grotere bedrijven.
Ten onrechte wordt gedacht dat deze levensreddende apparatuur duur in aanschaf en onderhoud is en dus niet betaalbaar voor het MKB. Door marktontwikkelingen is de prijs van een betrouwbare en voordelige AED al gedaald tot circa € 1200,- terwijl dit vroeger meer dan het dubbele was. Met een verwachte levensduur van 12 jaar is de afschrijving slechts € 100,- per jaar. Hoewel de onderhoudskosten per type AED verschillen is dit bij de voordeligste AED slechts € 240,- voor de eerste 12 jaar en dat is dus € 20,- per jaar. Samen met de aanschaf komen de totale kosten dus op € 120,- per jaar, slechts € 0,33 per dag!
Daarnaast kunnen bedrijven in aanmerking komen voor de Kleinschaligheids Investerings Aftrek (KIA) waarmee de aanschaf van een AED een extra aftrekpost tot 28% van de aanschafprijs oplevert. De fiscus betaalt dus ook mee aan uw levensreddende AED. Hij kost u netto dan nog minder dan een kwartje per dag!
Meer weten, of een offerte?
Er komt een nieuwe Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) voor het organiseren van noodhulpverlening (bedrijfs)veiligheid. Kort gezegd komt het er op neer dat het begrip bedrijfshulpverlening plaats maakt voor de term basishulpverlening. Met de komst van de nieuwe AMvB (Besluit BasisHulpVerlening) moet de veiligheid worden vergroot op alle plekken waar mensen samen komen.
De nieuwe regelgeving geldt dus niet alleen voor bedrijven, fabrieken, winkels, zorginstellingen, stationsgebouwen, kantoren, musea en bedrijfsverzamelgebouwen. Maar bijvoorbeeld ook voor clubhuizen van sportverenigingen, vrijwilligersorganisaties, kerken, scoutingclubs en evenementen.
De ingangsdatum van deze (wets)wijziging is nog niet definitief. Inwerkingtreding is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling én publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.
Vooruitlopend op de goedkeuring is een vraag uitgegaan naar voorbeelden van Best Practice voor het invullen van de basishulpverlening binnen bedrijven en organisaties.
Tevens wordt onder begeleiding van NEN door de normcommissie ‘bedrijfshulpverlening’ aan de nieuwe norm NEN 8112 gewerkt. De NEN vloeit hierbij de normen NEN 4000 (Bedrijfshulpverlening) en bestaande NEN 8112 (Leidraad voor ontruimingsplannen) samen in de nieuwe norm NEN 8112 (bedrijfshulpverlening en bedrifjsnoodorganisatie. In de NEN 8112 is het risico-denken als een van de vier basisprincipes leidend. Dit met als grondslag het voldoen aan het wettelijk kader. De vier principes die leidend zijn in de Norm zijn:
1. de omslag van norm- naar risico-denken;
2. continuïteit van bedrijfsvoering;
3. zelfredzaamheid;
4. gelijkwaardigheid.
1. De inhoudelijke bepalingen van de norm zijn nu vaak de leidraad bij het organiseren van veiligheid. Streven is om de aanwezige risico’s leidend te laten zijn en hierop passende maatregelen te treffen. Met andere woorden het bepalen van een continuïteitsstrategie op basis van de uitkomsten uit de geïnventariseerde risico’s, het gevoerde veiligheidsbeleid en het ambitieniveau van de organisatie.
2. Bedrijfscontinuïteit wordt steeds vaker onderwerp van gesprek. Dit heeft alles te maken met het gegeven dat bedrijven/organisaties steeds meer afhankelijk worden van de continuïteit van o.a. de levering van producten en diensten. Een simpele storing bij een telefoonprovider kan al zorgen voor hinder in de bedrijfscontinuïteit. Laat staan dat er zich serieuze calamiteiten voordoen en de bedrijfsvoering uitvalt. Het borgen van alle benodigde maatregelen om de bedrijfsvoering gaande te houden en deze onderdeel te laten zijn van bedrijfsprocessen levert zowel een duurzame als financiële besparing op.
3. Zelfredzaamheid betreft alle handelingen die verricht worden ter voorbereiding op calamiteiten, tijdens en na calamiteiten en om te helpen de gevolgen van de calamiteit te beperken. De mate van zelfredzaamheid van mensen vraagt om specifieke aandacht bij het organiseren van (bedrijfs)veiligheid. Hiervoor dienen passende maatregelen te worden getroffen.
4. Met gelijkwaardigheid wordt een goede afstemming van de bedrijfsnoodorganisatie in relatie tot de bouwkundige, installatietechnische en organisatorische componenten bedoeld.
bron: /bhv-praktijken
Een wereldwijde norm voor grafische symbolen is door Europa en daardoor ook door Nederland overgenomen. Het betreft de norm die in Nederland NEN-EN-ISO 7010 heet. De pictogramnorm voor vluchtrouteaanduiding, de NEN 6088, is daarom door het Nederlandse Normalisatie-instituut ingetrokken.
Het vertrouwde pictogram uit de NEN 6088 wordt geleidelijk vervangen door het nieuwe pictogram. De belangrijkste verandering in het pictogram voor vluchtroutes is dat het mannetje niet naar de deur rent, maar de deur al heeft bereikt en erdoor loopt. Een ander belangrijk verschil met het oude pictogram is de grootte van de pijl. In feite bestaat het pictogram voor de helft uit het mannetje in de deur en voor de helft uit de pijl. Juist deze extra grote pijl zorgt voor meer duidelijkheid, hetgeen heeft gezorgd voor de wereldwijde acceptatie.
De Nederlandse Vereniging van Fabrikanten van Noodverlichting (NVFN) onderschrijft het belang van internationale harmonisatie. De NVFN wijst erop dat in bestaande situaties de oude pictogrammen worden gehandhaafd, maar dat beheerders de twee niet door elkaar kunnen gebruiken. Uiteindelijk is het de bedoeling dat het nieuwe pictogram in Nederland de standaard wordt. Engeland en Duitsland zijn hier al enkele jaren mee bezig.
Onlangs stond het tv-programma KASSA van de VARA stil bij de gevaren van bio-ethanol. Deze nieuwe variant op spiritus wordt gebruikt voor sfeerlichtjes en moderne sfeerhaarden. Ongelukken ontstaan vooral als gebruikers de haard met bio-ethanol bijvullen.
Ongelukken ontstaan vooral als de bio-ethanol is opgebrand en gebruikers de sfeerhaard bijvullen. Als er toch nog een klein vlammetje brandt of het reservoir nog heet is, kan er een steekvlam ontstaan. Het zijn vaak omstanders die worden getroffen door de steekvlam.
Wilt u bio-ethanolgel te gebruiken? Het is verstandig een blusdeken paraat te houden en/of minstens een uur te wachten met het bijvullen van het reservoir als de vlam is gedoofd.
Om het gezellig te maken heeft u geen sfeerlichtjes en een sfeerhaard nodig. Waxinelichtjes zijn een goede vervanger van sfeerlichtjes op bio-ethanol. In een sfeerhaard kunt u ook kaarsen plaatsen in plaats van bio-ethanol. Nog goedkoper is een dvd met haardvuur. Lees voor het veilig gebruik van kaarsen onze tips.
Bron: Nederlandse Brandwondenstichting